zaterdag 27 juni 2009

Kinderen en de zon

Bron: www.gezondheid.be

Kinderen zijn extra kwetsbaar in de zon. Ze zijn in volle ontwikkeling en hun huid is dunner en gevoeliger dan die van volwassenen. Langdurige blootstelling en frequente zonnebrand in de kindertijd hebben vele jaren later een invloed op de ontwikkeling van huidkanker.
• Dermatologen raden aan om baby’s tijdens de eerste twaalf levensmaanden niet rechtstreeks aan de zon bloot te stellen.
• Vanaf het tweede levensjaar mogen jonge kinderen met blote armen en benen in de zon komen, maar enkel voor korte periodes en niet op het middaguur, wanneer de zon het felst schijnt. De rest van het lichaam en het hoofd moeten zeker beschermd worden met kledij en een hoedje. De lichaamsdelen die wel aan het zonlicht worden blootgesteld, moeten rijkelijk worden ingesmeerd met een zonneproduct met hoge of zeer hoge beschermingsfactor (SPF van minimum 30 en UVA-bescherming).
• Vanaf 3 jaar moeten ze systematisch worden ingesmeerd met een waterbestendig zonneproduct dat een hoge of zeer hoge bescherming biedt (SPF van minimum 30 en UVA-bescherming). Bij felle zon moeten ze ook een T-shirt en een hoed dragen.
• Laat uw kind nooit in natte kleren rondlopen: natte kleren laten meer UV-stralen door dan droge. Waterdruppels op de huid hebben zelfs het effect van een vergrootglas en versterken de schadelijke UV-werking. Droog uw kind dus steeds goed af na een zwempartij en trek het een droog T-shirt aan.
• Laat kinderen regelmatig en voldoende drinken om uitdroging en een zonneslag te voorkomen.

Meer info: www.veiligindezon.be

zondag 31 mei 2009

Fluorgebruik bij kinderen

bron: www.gezondheid.be

De Hoge Gezondheidsraad heeft een nieuw advies uitgebracht in verband met het gebruik van fluor bij kinderen om tandbederf te voorkomen.

Tanden poetsen
- Er wordt aanbevolen om tussen de leeftijd van 6 maand en 3 jaar minstens een keer per dag de tanden te poetsen, uitgevoerd door een volwassene, met een voor deze leeftijd aangepaste tandpasta met laag fluorgehalte (< 500 ppm). Het is belangrijk om het fluorgehalte zoals opgegeven op de verpakking na te gaan, aangezien niet alle tandpasta’s “voor kinderen” een beperkt fluorgehalte inhouden. Een hoeveelheid tandpasta even groot als één erwtje is ruim voldoende.
- Tussen de leeftijd van 3 en 6 jaar blijft dezelfde aanbeveling gelden maar dan tweemaal daags. Als het kind geleerd heeft om de tandpasta op correcte wijze weer uit te spugen, mag een tandpasta met een hoger fluorgehalte (1.000 ppm) gebruikt worden.
- Voor kinderen ouder dan zes jaar wordt aanbevolen om de tanden tweemaal per dag te poetsen met een tandpasta die 1.000 tot 1.500 ppm fluor bevat, aan te vullen met een mondspoeling gedurende de dag.- Fluorsupplementen worden afgeraden.

Overdosis vermijden
Elke, zelfs matige, overmaat van fluor is schadelijk. Daarom moet bij eventuele inname van een fluorsupplement rekening worden houden met de fluorconcentratie van het water en van de verbruikte voedingsmiddelen, evenals van de gebruikte hygiëneproducten (in het bijzonder tandpasta).
De dosis die, om elk risico van fluorose te vermijden, niet overschreden mag worden, bedraagt 0,05 mg per kilogram lichaamsgewicht per dag, voor alle opnamen samen, zonder 1mg per dag te overschrijden. Rekening houdend met de tamelijk hoge fluorconcentraties in het leidingwater van bepaalde streken en in sommige fleswaters, kan de veiligheidsdrempel voor een zuigeling die 750 ml water per dag inneemt – voor zuigelingen zeker niet ongewoon – overschreden worden. Fleswater dat meer dan 1,5 mg fluor /l [1.500 microgram/l] bevat is niet geschikt voor regelmatig gebruik door zuigelingen en kinderen onder de 7 jaar.
Behalve in uitzonderlijke situaties en onder strikt medisch toezicht, mag geen enkel fluorsupplement systematisch aan zwangere vrouwen mogen worden toegediend.De volledige tekst van dit advies is terug te vinden via http://www.health.fgov.be/HGR_CSS, in de rubriek “Adviezen en Aanbevelingen” (met referentienummer nr. 8520)

Hoe een draagverband (mitella) maken?



Een mitella is een driehoekig draagverband voor het ondersteunen en immobiliseren van een gewonde schouder, arm, pols of hand. In een noodgeval kan een geïmproviseerde mitella worden gemaakt van een vierkante doek van 50cm lang en breed, diagonaal in tweeën geknipt of gevouwen, zodat hij een driehoek vormt.

Stap 1
Ondersteun de onderarm aan de aangedane zijde of laat het slachtoffer dat doen. Trek een uiteinde van de doek onder de elleboog van de aangedane zijde door naar de schouder van de andere zijde.

Stap 2
Spreid de doek over de borst van het slachtoffer en sla het andere uiteinde om de onderarm omhoog naar de schouder aan de aangedane zijde. Breng daar de uiteinden bij elkaar.


Stap 3
Knoop de uiteinden aan elkaar vast ter hoogte van het kuiltje boven het sleutelbeen aan de aangedane zijde. Stop de uiteinden als kussentje weg onder de knoop. De draagdoek bedekt de arm volledig


Stap 4
Vouw de punt bij de elleboog naar voren en stop losse hoekjes verband eronder.


Stap 5
Zet de punt aan de voorkant vast met een veiligheidsspeld. Is deze niet voorhanden, zet de punt dan vast door hem eenmaal te draaien en in het draagverband weg te stoppen. Controleer de bloedcirculatie naar de hand regelmatig door te letten op bleekheid of koude van de huid. Maak zo nodig het verband onder de mitella wat losser.

zondag 29 maart 2009

Hoeveel uren slaap heeft een kind nodig?

Bron: www.gezondheid.be

Kinderen hebben, net als volwassenen, niet allemaal even veel slaap nodig, en het vermindert met de leeftijd.
Tijdens de eerste maanden heeft een baby twaalf tot achttien uur slaap nodig, verdeeld over verschillende slaapperiodes. De baby zorgt er de eerste tijd zelf voor dat hij precies zoveel slaap krijgt als hij nodig heeft. Rond zes maanden slapen baby's gemiddeld 15 uur per dag. Vanaf die leeftijd beginnen ze meestal ook ’s nachts door te slapen. Rond de leeftijd van 1 jaar heeft 9 op 10 kinderen een regelmatig dag-nachtritme ontwikkeld. Tot de leeftijd van drie jaar hebben ze tussen 12 tot 16 uur slaap nodig, waarbij ze meestal ook overdag nog een paar uren slapen. Daarna volstaan 9 à 10 uur. Kinderen van 10 jaar en ouder, hebben ongeveer 9 uur slaap nodig.

Maak u echter geen zorgen als uw kind veel meer of veel minder slaapt dan een ‘gemiddeld’ kind. Indien uw kind weinig lijkt te slapen, maar ’s morgens gemakkelijk wakker wordt en overdag niet moe is en fris en monter blijft, is er geen reden om u ongerust te maken.

zaterdag 21 maart 2009

Wassen: vuile handen!

Bron: Klasse voor ouders

Kinderen die hun handen vaak en goed wassen, worden minder snel verkouden, krijgen minder snel een griep of verkoudheid. En de kans is kleiner dat ze elkaar, hun ouders en hun leerkracht besmetten. Handen zijn de grootste ziekteverspreiders want ze komen het meest in contact met allerlei ziektekiemen (bacteriën, virussen etc…). Was jij je handen en wat leer je aan je kind? Hoe zit het met de hygiëne op school?

Hoe was je je handen? 5 stappen

Rood: plekken die je het vaakst vergeet te wassen
Oranje: je durft deze plekjes wel eens te vergeten
Huidkleurig: meestal mooi proper

Maak je handen nat onder de kraan.
Doe er zeep op.
Overal goed wrijven (bovenkant, onderkant, ook tussen je vingers en vergeet je duimen niet!)
Grondig onder de kraan afspoelen.
Handen afdrogen met een propere handdoek of papieren doekje.


Van 2 tot 6 maart loopt er in de Vlaamse scholen een campagne handhygiëne bij kleuters. Stappen- en muurkaartjes en beloningsstickers vind je vanaf half februari op http://www.handigehans.be/

Als je moet, ga je!

Bron: Klasse voor ouders

Johan Vande Walle, uroloog: “Elk kind heeft het recht om op elk moment naar het toilet te gaan. Een school met 200 kinderen zou eigenlijk 20 zit-toiletten moeten hebben. Zo krijgt elk kind elke speeltijd één minuut plastijd . Met minder toiletten zullen kinderen minder vaak plassen, minder drinken en hun plas ophouden. Wie dat doet, ontwikkelt een supersluitspier. Die krachtpatser kan heel moeilijk ontspannen en blijft als een stop op een volle fles zitten. Met alle plasproblemen van dien.”Hoe gaat het toiletritueel op de school van jouw kind?


Is jouw kind thuis een gezonde plasser? Duid aan.

O gaat naar toilet van zodra het moet
O zit neer met beide voeten op de grond of op een opstapje
O houdt zijn broek op de grond en doet de benen lichtjes open
O perst niet
O wacht tot de laatste druppel
O veegt de poep af van voren naar achteren

“Enkel plassen als de plasbel gaat?”
“Mijn zoon van 6 wacht te lang om naar het toilet te gaan. Dat leert hij op school. Daar mag hij enkel plassen als de plasbel luidt. Meer zelfs, als hij tijdens de les moet, krijgt hij een wolkje (strafpunt). Is dat verantwoord?” (mama Joline K.)

Johan Vande Walle, uroloog: “Plassen verbieden is als ademen verbieden. Dat doe je niet. Zo’n kind is vaak al een halfuur aan het twijfelen of het wel zijn vinger zou opsteken. Een op tien kinderen heeft een kleinere blaas en kan geen twee uur ophouden. Daardoor halen ze de speeltijd niet. Sommige kinderen raken getraumatiseerd: een boze juf, strafpunten, een natte broek. Ze durven niet meer drinken en krijgen plasproblemen.”

Waarom jongens ook beter zittend plassen…


Wie staand plast, plast zijn blaas niet helemaal leeg.
De restjes urine die achterblijven, kunnen ontstekingen veroorzaken.
Een staande plasser krijgt microdruppels urine op zich.
Rechtstaand plassen met een strakke broek en onderbroek is ongezond. Die spannen het plassertje vaak af tijdens het plassen.

Drinkt jouw kind ook water?

Bron: klasse voor ouders


Water is met grote voorsprong de gezondste drank voor elke mens. Kleuters hebben elke dag 4 glazen water (4x150ml=600 ml) nodig.

Vanaf 6 jaar geldt: 5 grote glazen water (5x200 ml=1 liter) op één dag. Wat drinkt jouw kind?

Waarom water? 7 voordelen
-Het zorgt voor een betere concentratie, minder vermoeidheid.
-Het beschadigt je tanden niet, want er zitten geen suikers in.
-Om dezelfde reden maakt het niet dik.
-Leidingwater is goedkoper dan alle andere drankjes.
-Water drinken kan buikpijn, hoofdpijn, slechte adem, constipatie vermijden.
-Met kraantjeswater produceer je minder afval.
-Het zorgt voor een mooie huid.

7 tips om je kind weer water te laten drinken
-Drink als ouder zelf water. Zien drinken doet drinken.
-Voer vaste drinkmomenten in: bijvoorbeeld na het tandenpoetsen, elke keer als je geplast hebt. - Beperk het aanbod: frisdranken, gesuikerde melkdrankjes, fruitsapjes zijn voor speciale gelegenheden.
-Voeg ijsblokjes, een leuk rietje of een schijfje citroen toe. Ook water kan leuk zijn.
-Als je kraantjeswater een uurtje ‘lucht’ in een karaf, verdwijnt de chloor-smaak vanzelf.
-Zorg dat water altijd binnen handbereik is en geef een flesje of drinkbus mee naar school.
-In sommige winkels koop je grote bussen water met een tapkraantje. Veel leuker dan frisdrank ingieten!

dinsdag 3 maart 2009

Tips voor een goede handhygiëne

bron:www.gezondheid.be


Wetenschappelijk onderzoek toont het belang van een goede handhygiëne. Een goede handhygiëne kan de kans op besmetting en verspreiding van sommige infectieziekten in belangrijke mate beperken. Dit geldt bijvoorbeeld voor verkoudheden, griep, maag- en darminfecties zoals diarree, maar ook voor ernstigere infecties zoals longontsteking (pneumonie) en geelzucht (hepatitis A). Daarnaast zorgt een goede handhygiëne er ook voor dat we minder ongezonde stoffen opnemen uit ons leefmilieu, zoals lood en cadmium.


• Kinderen moeten de handjes wassen vóór het eten, na het toilet, na hoesten, snuiten en niezen en als ze vieze handjes hebben (bijvoorbeeld na het spelen in de zandbak).

• Handen wassen betekent: natmaken, goed inzepen, goed wrijven, grondig afspoelen en afdrogen.

• Gewone zeep volstaat, antibacteriële zeep geeft geen beter resultaat.

• Op school worden beter vloeibare zeep en papieren handdoekjes gebruikt. Stoffen handdoeken die vuil zijn bevatten meer ziektekiemen, hetzelfde geldt voor een blok zeep.

Info:
http://www.handigehans.be/


maandag 23 februari 2009

Bang in het donker

bron: www.gezondheid.be

Veel kinderen zijn bang in het donker. Onbekende geluiden, de angst voor monsters of reuzenspinnen onder bed... kunnen leiden tot slapeloze nachten of slecht inslapen. De angsten van je kind kunnen onder invloed van een aantal factoren nog worden versterkt. Als je kleine overdag last heeft van stress, bijvoorbeeld omdat hij problemen heeft met zindelijk worden, kan dit resulteren in hevige angsten. Maar ook enge verhalen en films, of een teveel aan waarschuwingen voor niet ingebeelde, reële gevaren, kunnen je kindje bang maken.

Reageer begripvol
Neem de angsten van je kind serieus, voor hem zijn ze immers levensecht. Laat hem vertellen wat hem bang heeft gemaakt en stel hem zo goed mogelijk gerust. Het helpt vaak als je zegt dat je begrijpt waarom hij bang was, maar dat je zeker weet dat hem niets zal overkomen. Je kan er overdag ook eens over praten en de kamer eens samen gaan bekijken. Door het licht aan en uit te doen kan je tonen dat gordijnen er ’s nachts anders uitzien, dat ze kunnen bewegen.

Jaag de spoken weg
Juist omdat de angsten van je kleuter zo levensecht zijn, helpt het om mee te gaan in zijn fantasie. Jaag alle monsters daarom weg met luide stem en vastberaden gebaren. Verbied ze op strenge toon om ooit weer terug te komen. Grote kans dat je kind erg onder de indruk is van je dapperheid en heilig gelooft dat alles wat hem bang maakte nu zelf angstig wegkruipt.

Zorg voor een lichtje
Veel enge schaduwen verdwijnen in het licht. Daarom is een zacht gloeiend nachtlampje vaak een betrouwbare bron van veiligheid voor je kind. Ook een zaklantaarn in bed kan helpen. Zo heeft je kindje altijd een lichtje bij de hand waarmee hij, als het nodig is, ook monsters kan verblinden. Laat de slaapkamerdeur eventueel op een kier staan.

Vermijd angstversterkende factoren
Als je kindje een levendige fantasie heeft, kun je die het beste vullen met positieve beelden. Griezelige verhalen en films voor het slapengaan, zijn dan geen goed idee. Probeer verder om eventuele spanningen in het leven van je kleuter zoveel mogelijk weg te nemen, zodat hij onbezorgd naar bed gaat. Als je kind een drukke of emotionele dag heeft gehad, kun je in plaats van een boekje lezen ook gewoon de dag met hem of haar bespreken.

zondag 25 januari 2009

Eet elke dag soep!

Bron: www.gezondheid.be

Wanneer het buiten koud is en miezert, is een kop warme soep een ideale opwarmer. Soep is bovendien één van de weinige voedingswaren die u bijna onbeperkt kunt eten.Soep op basis van verse groenten of diepvriesgroenten bevat relatief weinig vet en is energie- of caloriearm (op voorwaarde dat u niet te gul omspringt met boter, room, enz.), en het is een goede bron van vitaminen (o.m. foliumzuur, vitamine E, beta-caroteen…), mineralen en vezels. Dagelijks een bord soep eten is een goede manier om aan de dagelijks aanbevolen hoeveelheid groenten te komen. Soep bereid met 600 g groenten per liter water levert per portie van 250 ml ongeveer 150 g groenten, wat ongeveer de helft is van de dagelijks aanbevolen hoeveelheid groente. Eén portie soep van 250 ml levert ook één zesde van de dagelijks aanbevolen hoeveelheid vocht (1,5l). Soep is tenslotte een goede manier om kinderen groenten te doen eten of te laten wennen aan de smaak van diverse groenten. Onderzoek toont aan dat mensen die regelmatig soep eten minder zwaarlijvig zijn. Soep levert doorgaans weinig calorieën voor een groot volume (gemiddeld minder dan 100 kcal voor 250 ml groentesoep) en zorgt voor een verzadigingsgevoel. Het is dan ook een ideaal voorgerecht. Soep met stukjes groenten geeft een groter gevoel van verzadiging dan gemixte soepen.

- Kies bij voorkeur een ontvette bouillon als basis van de soep. Maakt u zelf de bouillon, schep dan het vet van de afgekoelde bouillon weg alvorens de andere ingrediënten toe te voegen.
- Voeg niet te veel vet toe in de vorm van boter, room en dergelijke.
- Indien u gebruik maakt van bouillonblokjes, kies dan bij voorkeur zoutarme blokjes. Gewone bouillonblokjes zijn namelijk zeer zoutrijk. Hetzelfde geldt voor kant-en-klaarsoepen in het algemeen en oplossoepen in het bijzonder.
- Voeg zo weinig mogelijk extra zout toe aan de soep, maar gebruik andere kruiden en groenten om ze op smaak te brengen (knoflook, nootmuskaat, paprika, peper, uien, peterselie, basilicum, bieslook, dille, dragon, kervel, lavas, marjolein, selder, tijm...).
- Voeg niet systematisch zetmeelproducten toe zoals aardappelen, rijst en pasta. Als u van lichtgebonden soep houdt, gebruik dan bijvoorbeeld pompoen of knolselder. Knolselder en pompoen binden even goed als aardappelen maar leveren 4 keer minder calorieën.
- Omdat groentesoep wordt gekookt gaan er wel bepaalde vitaminen verloren, zoals bijvoorbeeld vitamine C. Maar omgekeerd komen bij het koken ook bepaalde stoffen vrij, met name de carotenoïden, zoals beta-caroteen in wortelen en lycopeen in tomaten. Het ene compenseert dus in zekere zin het andere. Het beetje vet dat u bij bereidingen van soep gebruikt om de groenten in het begin even aan te stoven, zorgt er bovendien voor dat de carotenoïden beter worden opgenomen. Onder meer daarom is het aan te raden om bij het bereiden van soep verschillende soorten groenten te gebruiken. Laat de groenten niet te lang koken zodat ze nog knapperig zijn.
- Wanneer u soep maakt voor verschillende dagen, laat ze dan zo snel mogelijk afkoelen wanneer ze klaar is. Op die manier wordt de ontwikkeling van bacteriën vermeden. Laat de soep zeker niet de hele nacht op kamertemperatuur staan. Zet ze in de koelkast of diepvriezer, bij voorkeur in kleine verpakkingen. Warm telkens maar de hoeveelheid op die u wil eten.

dinsdag 6 januari 2009

Het belang van een goede slaaphygiëne

Bij het begin van het nieuwe jaar horen goede voornemens. Ook wij vinden het wel belangrijk om onze goede voornemens uit te spreken. We richten ons hiervoor natuurlijk naar de kinderen en hun ouders, want school maken doen we samen. Ons gezondheidsbeleid staat dit jaar in de kijker. Naast gezonde eetgewoonten, blijven bewegen en buiten spelen belangrijke elementen om de groei van de kinderen te stimuleren.

Een niet te verwaarlozen aspect in de gezonde ontwikkeling van kinderen is de slaaphygiëne. Het effect van slaap is groter bij kinderen dan bij volwassenen. Onvoldoende slaap tast hun leervermogen aan, de mate waarin ze zich kunnen ontspannen, en zelfs hun groei. Recente studies hebben aangetoond dat wanneer kinderen beter leren slapen, ze beter gaan eten, hun humeur verbetert en hun intellectuele vermogen toeneemt.

Hieronder vindt u een aantal tips die de slaaphygiëne van uw kinderen kan bevorderen en ondersteunen. We hopen dat u hiermee iets kan doen.

- Kinderen worden vaak moeilijk rustig als ze het erg warm hebben. De temperatuur in de slaapkamer mag niet hoog zijn.
- Om goed en blijvend te kunnen slapen, moet uw kind zich veilig en prettig voelen in zijn slaapkamer. U kunt hieraan bijdragen door vertrouwde voorwerpen rond zijn bed te zetten. Een blije gezinsfoto aan de muur boven het bed werkt tegen bedtijd bijvoorbeeld geruststellend.
- Bouw rustige activiteiten in naarmate bedtijd nadert en neem samen met het kind de nodige tijd om een verhaaltje te vertellen tot het Zandmannetje zijn zandkorreltjes heeft uitgestrooid.
- Respecteer een vast slaapritueel. (zich wassen, tanden poetsen, pyjama aantrekken, verhaaltje) Ook in het weekend is het beter om dit ritueel aan te houden. Kinderen die te laat gaan slapen in het weekend, voelen de vermoeidheid tot woensdag.

Misschien is bang zijn in het donker wel de meest voorkomende angst bij kinderen.
- Laat uw kind zien dat u zijn angst begrijpt maar niet deelt. Zo kunt u bijvoorbeeld zeggen:‘Ik weet dat je bang bent, maar er kan je niets gebeuren’, of ‘Niet bang zijn, mama en papa zijn bij je.’
- Zet een nachtlampje in de slaapkamer van uw kind of laat een lampje in de hal branden zodat er wat licht de slaapkamer binnenstroomt.
- Geef niet toe aan de verleiding om de kamer op monsters of insluipers te controleren als uw kind naar bed gaat om te bewijzen dat die er niet zijn. Dit verlevendigt de fantasie alleen maar.
- Vraag uw kind ‘s ochtends, maar nooit ‘s nachts, zijn angsten te beschrijven. Verzeker hem dat u zelf als kind ook dergelijke angsten kende, maar dat u daar snel overheen groeide.